Nanowrimo: het einde. En nog wat over Zonnewereld, Schaduwwereld

Nanowrimo – het einde van November

Nanowrimo 2017 stats

Zo ziet het er dus uit als ik een keer gek doe voor Nanowrimo. Ik houd me niet zo aan de geplande tijdlijn, ik stuif er als een malloot overheen. Ik heb ondanks dat niet mijn doel helemaal gehaald. Het doel van Nanowrimo is minimaal 50.000 woorden. Omdat ik twee verhalen schreef hoopte ik op 100.000 woorden. Ik ben bij de 95.292 blijven steken. Drukte op verschillende fronten heeft daaraan ‘bijgedragen’. Nou ja, die laatste loodjes haal ik nog wel in; de verhalen zijn nog lang niet klaar.

De verhalen

HeksJa. Twee stuks. Een Engels en een Nederlands, beide over heksen. Het Engelse zal ik op mijn Engelse blog nog uitgebreider bespreken, maar niet nu nog niet. Het Nederlandse wordt wel aardig denk ik. Een alfa-lezer (iemand die de hoofdstukken onderhand vers van de schrijfpers leest) is aardig enthousiast. Ik moet het zelf nog even zien maar het geeft hoop. Er moet wel wat aan verspijkerd worden. De hoofdpersoon werd opeens een jaar of 4 ouder na 5 hoofdstukken. Zoiets kan gebeuren.

December wordt spannend.

Want in december komt “Zonnewereld, Schaduwwereld” eindelijk uit. Ik heb vanmorgen de e-boek-bestanden naar de grote cheffin van The Black Sheep Indie gestuurd zodat ze het een en ook het ander voor elkaar kan boksen voor de grote dag. (15 december 2017, zet het in je agenda en je telefoon, niet vergeten, abonneer je op mijn lijst, volg me op Twitter en kijk af en toe op mijn Facebook-pagina!) Vooral alles doen, want anders stuur ik een Hellehond op je af en komt er een Grauwe Dwerg op je resten kauwen. Je bent dus gewaarschuwd!

Papierenboekenfans (mooi scrabblewoord) moeten nog even wachten als het 15 december is. Dat zit nog in de steigers en die zijn hoog dus duurt het even want ik moet telkens naar boven klimmen. Maar ook dat komt goed want geduld is een schone zaak. (Jullie geduld dus, niet dat van mij want wat je niet hebt kan niet schoon zijn.)

 

Nanowrimo en een nieuw woord. Voor mij in elk geval.

Ja, daar ben ik weer. Het is even geleden en dat heeft een reden.

Denk nou niet dat dit hele ding in dichtvorm gaat, al is het de Sint die straks voor de deuren staat.

Nanowrimo.

Met Nano gaat het goed. Kobie, het Nederlandse verhaal, loopt lekker door en ook voor op het Engelse verhaal. Ook dat heeft een reden. Een andere dan die hierboven. Die van hierboven is nanowrimo; ik kan tenslotte niet alles tegelijk schrijven. Bij Kobie kan ik lekker freewheelen (vrijwielen in goed Nederlands) op de heksentoer. Leuk, leuk, al zitten er ook scherpe kantjes aan het verhaal. Voorzichtig het boek vasthouden dus, je bent gewaarschuwd.

Nieuw woord geleerd vandaag!

Ik was heel druk aan het schrijven (oké, even op Twitter aan het kijken) toen opeens het woord rattentaxi voorbij kwam. Wat? Even opzoeken dus.

rattentaxi

Wat blijkt dat te zijn: een gelegenheid verlaten zonder afscheid te nemen. Dat doe je b.v. als je niet wilt dat mensen in de gaten hebben dat je gaat omdat het anders lastig wordt, of omdat je het niet leuk vindt daar en met de stille trom (in dit geval taxi) wilt verdwijnen.

Zeg maar eens dat je hier nooit wat leert!

Nanowrimo. Dag 4 begint.

Nanowrimo.

NanowrimoWat een plaatje, hè?

Het Nanowrimo-logo. November. De maand waarin veel idioten schrijvers een redelijk boek proberen te schrijven. En ik probeer er twee tegelijk te doen. Het doel, zei ik al eens ergens, is 50.000 woorden of meer te schrijven in deze maand.

Uiteraard leg ik dan de lat wat hoger door op 50.000 woorden per verhaal te komen. 100.000 woorden dus. 50.000 woorden is rond de 135 bladzijden aan tekst. Kijk voor het gemak eens in een boek hoeveel 135 bladzijden is. En dat wil ik dus dubbel doen. Leve de lol.

Voortgang tot nu toe.

Tot nu toe gaat het lekker. Ik zit op een gemiddelde van 4000 woorden per dag. Ruim voldoende om het te halen. Dat donkere balkje (zal wel rood zijn) is voor vandaag, omdat ik vandaag nog niets heb gedaan. Ik ben nou eenmaal een luie sodemieter. Die streep is trouwens de lijn waarlangs je woordental op moet lopen om het te halen. Als je er te lang onder blijft zitten kun je een probleem krijgen naar het eind van de maand toe.

Twee verhalen.

Het Engelse verhaal loopt redelijk. Ik had daar meer van verwacht maar dat kan nog komen. Dit heeft blijkbaar wat meer aanloop of opbouw nodig. Het komt goed.

Het Nederlandse verhaal… wauw. Dat is andere koek. Daarvan wist ik aan het begin niet wat het zou gaan doen. Het begin was al een aangename verrassing voor me en gisteren kreeg ik een aantal ideeën voor het verhaal die me op een bepaald moment angst aanjoegen. Dit verandert de zaak van een luchtig verhaal naar toch wel iets aardig heftigs. En ik heb de heftige stukken nog niet eens geschreven!

HeksBeide verhalen gaan over heksen.

Ik ben dol op heksen. En magie. En vliegen op bezems. Vooral het vliegen op bezems intrigeert me want ik blijf nieuwsgierig hoe ze dat flikken zonder pijn in hun ‘kont’ (en omstreken) te krijgen. Heeft iemand hier ervaring mee, laat het me dan eens weten. Hoe voelt dat? Went het? Vind je het op een gegeven moment zelfs lekker? Ik ben benieuwd naar de stroom reacties.

Nou, hier laat ik het bij. Ik ga nog wat woorden schrijven. (Oké, dit zijn ook woorden maar die tellen niet mee voor Nano.) Dat en de kattenbakken schoonmaken. En de was doen. Want het leven van een schrijver bestaat uit meer dan blogposts.

Nanowrimo 2017. Het begint weer.

Ha die lezer van dit blog.

Nanowrimo.

Eindelijk weer eens wat nieuws onder de koude oktoberzon. En het nieuws heet, net als vorig jaar, Nanowrimo. Deze keer ga ik het anders doen. Beter. Niet zoals de afgang die ik vorig jaar neerzette.

Vorig jaar had ik een heel plan. Een opzet. Uitgedachte personages. De hele rataplan. En wat gebeurt er: de hele handel klapt uit elkaar. De hoofdpersoon verdomt het om mee te spelen. Het verhaal is een puinhoop met stoepgarantie. (Drie keer raden waarom het niet gepubliceerd is.)

Deze keer ben ik veel beter voorbereid. Ik doe het op de manier die voor mij werkt. En om het spannend te houden doe ik het dubbel.

DUBBEL?

Yep. Dubbel. Ik ga aan twee verhalen tegelijk beginnen. Een Engels en een Nederlands. Als ik de lat dan toch verleg naar een comfortabel manier van werken kan ik er net zo goed wat boeiends van maken, toch?

Het Engelse verhaal wordt een boek dat naast de Hilda the Wicked Witch serie gaat leven. (Let op, link gaat naar mijn Engelse site.)

HeksHet Nederlandse verhaal wordt een heksengebeuren. Ik heb wat met heksen. Deze heks vliegt niet op een bezem. In het begin… nou ja, weet je wat: ik zeg lekker nog niks. Wacht het maar af. Dat is toch leuker?

Anders hoef ik het boek niet te schrijven en jij het niet meer te lezen.

Voorbereiding.

Hoe is mijn voorbereiding deze keer? Nou, dat heb ik net uitgelegd. Ik ga een boek over een heks schrijven. Dat is eigenlijk alles. Oké, ik heb een paar ideeën die erin voor gaan komen maar dat is de uitleg die je niet krijgt. Met ongeveer dezelfde hoeveelheid voorbereiding heb ik tenslotte “Zonnewereld” geschreven en ik vind dat dat verhaal knap uit de verf is gekomen. Ja ja, ik weet het, jullie hebben daar nog niets van gezien maar dat komt goed. Wacht maar tot half december. En niet zeggen dat je dat hier gehoord hebt! 😉

 

Zonnewereld.

Zonnewereld, Schaduwwereld

Zonnewereld. De nieuwe fantasy.

Het gaat goed vooruit met de correcties. Inmiddels ben ik gebied tot nog maar 5 hoofdstukken om te bewerken.

Omdat ik dit van achteren naar voren doe wordt het wel steeds meer werk, dus gaat het steeds langzamer.

Hoe kan dat?

Toen ik aan dit verhaal begon had ik maar een oppervlakkig is wat er zou gebeuren. Naarmate het verhaal groeide, groeiden ook de spelers, kregen ze meer diepte. Dat is wat het begin mist en dat ben ik er nu in aan het brengen.

Op die manier ontdek ik ook steeds meer ‘foutjes’ in de oorspronkelijke personen, eigenschappen en trekjes die zich in de loop van het schrijven pas openbaarden en dat moet dus allemaal aangepast worden “aan de latere feiten”, zogezegd. Het is veel werk maar het is ontzettend de moeite waard. Het boek wordt daardoor telkens beter.

Het duurt nog wel even voor het boek helemaal klaar is, ik moet nog een hoop aan de tekst doen – en ook aan de omslag. Het idee daarvoor ligt er maar het echte maken is ook weer een hoop werk. Maar dat komt goed.

Ogen van Gerda

Komt dat zien!

Een nieuw bericht. Een nieuw verhaal. Ik leer het ook nooit.

Wat? Een nieuw verhaal?

In het hoofdJa. Ik beken het maar meteen… ik kan het niet laten. Het zat al een hele tijd in mijn hoofd – en krijg het er dan maar eens uit!

De enige manier is… om het op te gaan schrijven. En dat terwijl “Zonnewereld” nog niet eens klaar is.

Fantasie over een fantasy.

Sinds een hele tijd heb ik een fantasy-serie in mijn hoofd. Iets totaal anders dan Hilda of In de ban van de stier. Soms heb ik zoiets. (Of soms niet, ligt er maar aan hoe je het bekijkt.)

Ik heb een hele tijd tegen dat verhaal aan zitten hikken omdat ik wel wist wat ik wilde maar niet hoe ik het aan moest pakken. Tot ik vorige week een wandelingetje ging maken en ‘het’ opeens had. Nou, dan weet je het wel. Dan is er geen houden meer aan. De eerste woorden staan al. Wil je weten welke woorden dat zijn?

“Waarom hier? Kan onze zoektocht niet op een prettiger plaats beginnen?” vroeg Gerren La. De mannelijke Pallinaar richtte zich in zijn volle lengte op en voelde zijn gewrichten op hun plek schieten.

Dat  zijn dus de eerste woorden. Ik heb er al wat meer maar die blijven voorlopig geheim, tenzij je bij de ingewijden hoort.

Top secret

Weet je ze nog niet? Nou, dan ken je je plaats, hè? 😉

Ik hoop dat dit een leuke maar vooral boeiende en spannende serie wordt. Leuk is hier echt ondergeschikt. Voor leuk heb ik Hilda. 🙂

Oké, een tipje van de veelzijdige sluier licht ik op. Er is nog een Pallinaar. En daar doen jullie het maar mee voorlopig…

Paul

Weet je nog? Dat molenverhaal?

Het begin van het molenverhaal.

Ik heb het opgezocht. Het was half december 2016. Ik moesteven naar onze lokale molen voor meel, om brood te bakken.

Toen ik naar buiten liep had ik zo’n half idee van ‘het zou best leuk zijn om eens een verhaal met molens te schrijven’.

Op de fiets naar huis (en dat duurt niet lang) kwamen er allerlei ideeën los en die middag ben ik gaan schrijven.

Vier maanden later.

spookje
Hoe gaat het boek heten?

Vier maanden en een paar weken later is het verhaal al in de redactiemodus. Domme zinnen ontdommen, tikfouten verbeteren en hopen dat al die acties geen nieuwe tikfouten introduceren. Een kennis heeft intussen hoofdstuk na ruw hoofdstuk meegelezen en feedback gestuurd over wat wel en niet klopte. Dat is een heel belangrijke fase in het schrijven van een boek.

Gedurende al die activiteiten was er een spookje dat maar boven mijn hoofd bleef hangen. Dat fluisterde constant: “Hoe gaat het boek heten?”

Het is een hele tijd gelukt om dat fladdergeval aan de kant te duwen, want het boek was tenslotte nog lang niet klaar. Nu wordt dat onderdeel van het project wel spannend. Redactiemodus betekent dat het verhaal een heel eind klaar is. Er moet iets met een omslag gebeuren en wat staat er op een omslag? Juist. Een titel. Dan wordt het toch langzaamaan tijd om daar iets voor te bedenken.

Werelden.

In het verhaal zijn verschillende werelden. De bijzondere die ik hier introduceer is de Schaduwwereld. Nou, dat is dan makkelijk. Het boek heet ‘Schaduwwereld’, wat doe je dan moeilijk?

Nou, kijk… er is al een boek dat zo heet. Nou is dat een boek in een heel ander genre dus is dat het punt niet, maar een voortvarende schrijver ergens anders in de wereld heeft een fantasyserie genaamd ‘Schaduwwereld’ geschreven. Tja, dan is het toch even vervelend. Men moet niet gaan denken dat ik een soort aanhangsel heb geschreven, of zelfs plagiaat heb gepleegd.

Gelukkig is er in het verhaal nog een wereld te vinden: de Zonnewereld. En bij een bezoek een een vriendin/collega-schrijfster kwam opeens, na een beetje brainstormen, de perfecte titel tevoorschijn.

Zonnewereld, Schaduwwereld.

Schaduwwereld

Zoiets dus, maar dan anders. Hoe het eruit gaat zien dat is nog een verrassing. (Ook voor mij. Troost je dus en anders kom je maar een zakdoekje halen.)

Ik ben blij dat die kogel door de spreekwoordelijke kerk is. Een titel is belangrijk voor een boek en die moet dan ook nog aanspreken en bij het verhaal passen. Op dat punt ben ik dus nu aangeland. 🙂

Fijne dag, ik ga verder met redigeren! Ik zie je wel bij de molen.

Paul

Gezocht: even rust

Beste lezer,

Het is dan eindelijk gedaan en gelukt. Het vervolg op “Gezocht: held” is vertaald in het Nederlands. Het was een hele wedstrijd om een vervolg te schrijven – iets waar ik eigenlijk helemaal niet op had gerekend – en nu is het “klaar”. In twee talen nog wel.

Ik heb de titel voor het nieuwe boek al een paar keer rondgestrooid dus dat is geen verrassing meer: “Gezocht: avonturier” (“Wanted: adventurer” in het Engels).

Het verhaal moet nu even ‘afkoelen’. Even laten liggen zodat ik het daarna opnieuw kan bekijken en de grove fouten eruit kan halen. Daarna gaat het naar een proeflezer die zich mag uitsloven om de stommiteiten eruit te halen.

Wat een onderneming, dat boek, en wat een verrassingen. En het zou nog kunnen zijn dat hier een derde deel achteraan komt, maar dat heb ik niet hardop neergeschreven. Iedereen die zegt dat ik dat heb gezegd zegt maar wat, afgesproken?

Mooi!

Schrijven in het Nederlands

Beste lezer,

Het is voor mij nog steeds een bijzonder gevoel om in het Nederlands te schrijven. Ik had meer dan 30 boeken in het Engels op mijn naam staan voor ik voor het eerst iets in het Nederlands durfde te beginnen, en dat kwam door een vriendin die wilde leren schrijven.

Omdat voor haar Nederlands het makkelijkste was zijn we daar dus mee begonnen. Uit die tijdelijke samenwerking ontstond het allereerste begin van het boek “Gezocht: held“.

De basis die ik voor het samenwerkingsverhaal in mijn hoofd had lag er en al met al is het een goed boek geworden. Ik durf dat als schrijver rustig te zeggen, zo brutaal ben ik tenslotte wel. 🙂

En nu is daar dus het nieuwe fantasy-verhaal dat me een paar weken geleden opeens te binnen schoot. Het ‘loopt’ op dit moment als een trein, ik zit al dik over de 100 pagina’s en het is spannend aan het worden.

Wat me de laatste weken opgevallen is dat ik meer met onze taal aan het spelen ben gegaan. In het verhaal komen bijzondere en bizarre wezens uit een ‘Schaduwwereld’ aan bod, en de namen die daarvoor naar boven komen vind ik soms geweldig!

Ik moet bekennen de de Grafspin die momenteel in het verhaal voorkomt een van de mindere goden is. Die ga ik denk ik nog eens hernoemen, maar dat komt nog wel. En de Yerenieten krijgen misschien ook een andere naam, maar ook dat is van later zorg. De moderne wonderen van zoeken en vervangen zijn wat dat betreft een zegen voor de tekstmaker van vandaag.

Dit verhaal geeft me voor mijn gevoel veel meer vrijheid dan bijvoorbeeld ‘In de ban van de stier‘. In dat boek wilde ik zoveel mogelijk feiten gebruiken, dus ging er heel veel tijd in onderzoek zitten.

Voor het nieuwe fantasy-verhaal (waar ik nog geen echte titel voor heb, ik noem het voorlopig maar ‘Molens’) kan ik niet veel onderzoeken tenzij het om molens gaat. Die komen tenslotte vaak terug in het verhaal.

Het is trouwens ongelofelijk zoveel verschillende soorten molens er zijn in Nederland.

Ik ga maar weer eens aan het ‘werk’.

Tot ziens!

Opsporing verzocht

Tja, beste lezer,

Zo zit je rustig een verhaal te schrijven en dan ben je opeens twee personages kwijt!

Een van de verdwenen personen is een lid van het team waar het boek om draait. Het andere personage is iemand die pas een paar bladzijden geleden in het verhaal kwam en die nog geen twintig woorden heeft gezegd. Nou is dat wel een beetje mijn schuld maar ja, ze moest bij die ander passen die ook moest verdwijnen. Zo werkt schrijven nou eenmaal.

Oh, nu weet iedereen dat er een nog vrouw in het spel is gekomen. Het is een spannende vrouw hoor, geloof mij maar.

Mochten jullie dus een juffrouw genaamd Lizette zien (grote bril, slobbertrui en een zwarte broek) laat haar dan weten dat ik haar zoek. Of binnenkort kom redden. Of zoiets. Als ik uitgedokterd heb waar ze uithangt uiteraard.